Een nieuw mobiliteitsbeleid vergt draagvlak

Duurzame mobiliteit bereiken we niet in één dag. Mobility Consultant Niels Dragt: “Maar het is onvermijdelijk. We staan nu aan het begin van de transitie."

Verandering is onderweg dus. En dat is maar goed ook, want het huidige beleid past lang niet altijd bij de huidige situatie. “Veel bedrijven willen hun mobiliteitsbeleid wel moderniseren, maar weten niet hoe. Daarom helpen we ze. Dat begint met alle nieuwe mobiliteitsoplossingen in kaart te brengen. Want in een markt die zich zo razendsnel ontwikkelt, is een kompas geen overbodige luxe.”

Wat zijn volgens jou de grootste uitdagingen?
“Duurzaamheid, urbanisatie en de krapte op de arbeidsmarkt. Op het gebied van energie wordt er flink aan de weg getimmerd voor een toekomst waarin we minder afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen.”

Neem me eens mee in jouw wereld. Hoe vlieg je zoiets aan?
“Ik adviseer bedrijven hoe ze mobiliteit pragmatisch kunnen inrichten. En duurzaamheid is daarbij belangrijk. Zoals de noodzaak om echt aan CO2-reductie te doen. In 2030 moeten we 49% CO2 gereduceerd hebben ten opzichte van 1990. Dat is al over tien jaar en we staan pas op 15%. Nog 34% te gaan dus. Gelukkig zien directies van bedrijven hier ook het belang van in en wordt iedereen steeds meer gedwongen hieraan mee te doen."

Is duurzaamheid ook belangrijk in de ‘War On Talent’?
“Zeker. De nieuwe generatie is veel meer betrokken bij het milieu. De helft van het talent dat net uit de schoolbanken komt, vindt duurzaamheid belangrijk bij het kiezen van een werkgever. Tegelijkertijd heeft een kwart van de bedrijven problemen vanwege gebrek aan geschikt personeel. Organisaties beseffen niet altijd dat een duurzaam en flexibel mobiliteitsbeleid ook bijdraagt aan aantrekkelijk werkgeverschap.”

Kun je dit verder uitleggen?
“Neem deze wijk, waar we nu zijn: Buiksloterham in Amsterdam-Noord. Hier wordt kritisch gekeken hoe de nog beschikbare ruimte wordt ingericht. Door de grote werkgelegenheid dijt Amsterdam steeds verder uit, maar de stad moet ook leefbaar blijven. In een nog te bouwen wijk, Haven-Stad, wordt bijvoorbeeld uitgegaan van één parkeerplaats per vijf woningen. Daarmee is het bijna onmogelijk om nog een eigen auto voor de deur te hebben. Dus moet je kiezen: óf je zet je auto aan de rand van de stad, óf je gaat car sharen. Jonge mensen uit dit soort stadswijken zou je als werkgever met een ander mobiliteitsaanbod kunnen verleiden.”

Je doelt specifiek op jongeren en het bezit van een auto?
“Juist. Het talent van morgen dat zich in de stad wil vestigen, zit helemaal niet te wachten op een leaseauto. Hoe kun je dan mobiliteit inzetten om talent alsnog aan te trekken? Zowel vanuit duurzaamheid als flexibiliteit? Hoe stuur je als werkgever aan op bepaald reisgedrag, zonder je personeel te forceren? Bovendien willen organisaties grip op hun mobiliteitskosten houden. Ook daarin adviseren wij bedrijven.”

Dat lijkt een gecompliceerd traject.
“Dat valt hartstikke mee. Vaak willen bedrijven te grote stappen nemen als ze hun mobiliteitsbeleid aanpassen. Het is beter om eerst een route te kiezen, en daarna een platform van waaruit je die vormen van mobiliteit aanbiedt. Dat is natuurlijk in veel gevallen nog steeds de leaseauto, maar die kun je ook combineren met bijvoorbeeld een mobiliteitskaart of een e-bike. Zo houd je overzicht over de kosten en keuzes. Pas dan is het zaak je personeel stap voor stap te verleiden tot een overstap. Dat laatste moet je vooral niet overhaasten. Draagvlak binnen je organisatie is essentieel om het nieuwe beleid te laten slagen.”

Zonder draagvlak geen succes?
“We staan pas aan het begin van de transitie. Door toenemende files in de randstad laten we de auto liever staan en kiezen we voor het openbaar vervoer of de e-bike. In wereldsteden als Londen en Parijs gaat haast niemand met de auto naar werk. Vergelijk het met de Zuidas of grote kantoren op binnenstedelijke locaties. De noodzaak om anders te reizen wordt alleen maar groter, ook al zit niet elke medewerker te wachten op verandering.”

Hoe krijg je die medewerkers tóch mee?
“In zo’n geval adviseer ik vaak om een team samen te stellen die de ambities en doelen definieert en zorgt voor besluitvorming. Heldere communicatie is hierin belangrijk. Het moet voor werknemers duidelijk zijn wat het doel is, waarom het beleid verandert en wat het nieuwe aanbod inhoudt. Ook daarbij helpen we organisaties alles in goede banen te leiden.”